In de praktijk worden de begrippen agent en distributeur wel eens door elkaar gebruikt.  Op het eerste gezicht lijken deze posities ook op elkaar, de agent of distributeur verkoopt als een soort tussenpersoon producten. Toch zijn er aanzienlijke verschillen en het is goed te weten met welk fenomeen u te maken heeft.

Een kenmerkend verschil is dat de distributeur een zelfstandige positie bekleedt en een agent niet. Bij distributieovereenkomsten koopt de distributeur de goederen of diensten zelfstandig in van de leverancier en levert die weer door aan zijn klanten.  De distributeur sluit dus overeenkomsten uit eigen hoofde en in eigen naam en voor eigen rekening. De distributeur kan als zelfstandig in- en verkoper zelf de verkoopprijs (en daarmee zijn winstmarge) bepalen.

Dat doet de agent niet. Agentuurovereenkomsten geven de agent de bevoegdheid om namens de leverancier overeenkomsten met derden te sluiten en de leverancier dus zelf te binden. Bij een agentuurovereenkomst is het belangrijk om duidelijke afspraken te maken wat de agent precies voor (en namens) de leverancier gaat doen en op welke manier de agent namens de leverancier contracten kan sluiten met derden. De agent krijgt voor de gerealiseerde verkopen provisie. In tegenstelling tot de distributeur heeft hij geen inkooprisico. Hij verkoopt immers namens de leverancier.

Een leverancier heeft derhalve doorgaans meer invloed en zeggenschap over het handelen van de agent dan over de distributeur. De agent is veelal afhankelijker van de leverancier dan de distributeur. Dat is tevens de reden dat agentuurovereenkomsten expliciet in het Nederlandse recht zijn geregeld (op basis van Europese Richtlijnen) en distributieovereenkomsten niet. Partijen zijn bij distributie in beginsel vrij in hetgeen zij afspreken en worden slechts beperkt door de redelijkheid, billijkheid en de goede trouw én uiteraard de mededingingsregels.

Vragen?  Neem contact op met Annelies ten Hove: